Emme Groot: 'Langs de randjes durven gaan'

Delfzijl - Volgens scheidend burgemeester Emme Groot is het als burgemeester van Delfzijl nodig om langs de randjes te durven gaan. Hij kijkt met veel plezier terug op zijn periode als burgervader van de havenplaats.

“Het is een intensieve beleving met veel verantwoordelijkheid,” meent Groot. Volgens hem houdt de functie van burgemeester niet op na vijf uur. “Ik heb mij altijd zeer betrokken gevoeld bij de inwoners van de gemeente. Ook na werktijd ben ik daar veel mee bezig. Eigenlijk ben je altijd burgemeester.” Groot heeft onlangs aangegeven dat, naast het feit dat hij 25 jaar in het openbaar bestuur actief is en nog graag een aantal jaren met jonge mensen aan de slag wil, ook rugproblemen een reden zijn voor vertrek. “Dit laatste vraagt meer aandacht en tijd, opdat het niet slechter wordt. Ik heb de raad dat al eens in een eerder stadium laten weten. Ik heb met mijn afscheid bewust gewacht tot na de verkiezingen. In verkiezingstijd is het geen goed moment om afscheid te nemen. Het nieuwe college zit er nu een jaar en is ingewerkt. Dat brengt rust en structuur.” De nieuwe functies die Groot gaat vervullen zij bij de Hanzehogeschool Groningen en adviesbureau KAW, waarvoor hij gaat adviseren. “Ik houd van inhoud. Zelfs meer dan van politiek. Het delen van kennis en omgaan met jonge mensen heeft mij altijd aangetrokken. Als je dat wilt gaan doen, moet je niet gaan wachten tot je 60e. ik word dit jaar 59 dus dit is een goed moment om een carrièreswitch te maken.” Het is niet de eerste keer dat Groot een carrièrewisseling maakt. De voormalige laborant was voordat hij burgemeester werd in Delfzijl, burgervader van Appingedam. “In Delfzijl was het onrustig. Burgemeester Maritje Appel was vertrokken en er was behoefte aan een bekend gezicht die aan vertrouwen kon werken. Dat leek mij een mooie uitdaging.” Inmiddels is de rust in Delfzijl wedergekeerd en kijkt Groot met een tevreden gevoel terug op zijn zevenjarige periode als burgervader. ‘Eén hoogtepunt kan ik niet noemen. Er zijn mooie evenementen geweest zoals DelfSail en Carmen. Wat ik heel belangrijk vind is dat de dorpen en de gemeente weer de regie in eigen handen hebben. Voorheen bepaalde het OMD de toekomst. Dat is gelukkig nu niet meer zo. Je ziet in de dorpen dat inwoners zelf activiteiten ontplooien. Ook de investeringen die nu gedaan worden om de toekomst van Delfzijl te verbeteren zijn goed voor de regio. Uiteraard is daar niet één persoon voor verantwoordelijk. Je doet dat met een team. Ik ben slechts een radertje in het geheel. Het besef dat ik daar straks geen deel meer van uitmaak, vind ik jammer. Wat ik ook jammer vind is dat er in de periode twee wethouders zijn opgestapt. Het liefst maak je met elkaar de klus af. En dan heb je natuurlijk het aardbevingsdossier. De mensen verwachten veel van de overheid en de overheid is voor velen één orgaan. Dat is niet zo. De gemeente heeft over deze materie weinig tot niks te zeggen, maar wordt er uiteraard wel op aangesproken. De frustratie van de mensen tegenover de overheden kan ik mij wel voorstellen. In dat kader vind ik het jammer dat we als gemeenten er niet in zijn geslaagd samen de overheidsdienst te vormen, maar dat anderen hier het initiatief hebben moeten nemen. Toch laat ik nu de gemeente met een gerust hart achter.” Groot stopt als eerste burger van Delfzijl, maar verhuizen doet hij niet. Wel sluit hij een terugkeer als bestuurder van de havenplaats zo goed als uit. “Je moet nooit teruggaan naar waar je eerst werkzaam bent geweest. Een terugkeer in het openbaar bestuur? Zeg nooit: nooit!” De opvolger van Emme Groot wordt deze week bekend gemaakt. Mark Giesolf