Dorpen herdenken oorlogsslachtoffers

Borgsweer - In Termunterzijl, Borgsweer en Woldendorp is een werkgroep opgericht om de slachtoffers van de tweede wereldoorlog te herdenken. Naast het oprichten van een monument wordt er ook lesmateriaal gemaakt.

Door Mark Giesolf “Het begon allemaal met een oproepje in de dorpskrant,” vertelt Miriam van der Meer. “Theo Nijland plaatste vanuit het comité 4 mei deze oproep. Bijna tegelijkertijd hebben Yvonne Quispel en ik ons aangemeld om in de nieuwe werkgroep zitting te nemen. Ik vind het belangrijk dat het dorp de dorpsbewoners die zij heeft moeten laten gaan een plek geven. In de dorpen zijn drie joodse gezinnen en een verzetsman omgekomen. Het gaat om de gezinnen Cohen-Van den Berg uit Borgsweer, Cohen uit Termunterzijl en Oudgenoeg uit Woldendorp en verzetsman Gorter uit Woldendorp. In totaal zijn er dus in de drie dorpen vijftien joodse mensen gedeporteerd. De jongste was twee jaar. Hoewel dat niet veel lijkt, heeft het de nodige impact gehad in de dorpen. Al drie joodse gezinnen hadden een winkel en waren dus bekend. Met hen verdween de volledige joodse gemeenschap in de dorpen. De heer Gorter was het hoofd van de lagere en de ULO in Woldendorp.” “Toen begon de zoektocht naar informatie over de gezinnen,” vult Yvonne Quispel Van der Meer aan. “De basis voor het onderzoek vormde het boek Gele ster in een Zwarte Tijd, gemaakt voor een tentoonstelling over Termunter joden in 1989. Hierop zijn we verder gaan borduren en door artikelen in de dorpskrant melden ooggetuigen zich met verhalen. Het blijkt dat vooral de deportatie van de achtjarige Markus Oudgenoeg de mensen nog goed bijstaat. Markus uit de klas gehaald en dat heeft op de toenmalige leerlingen, die inmiddels eind zeventig zijn, veel indruk gemaakt. Tegen deze deportatie heeft hoofdmeester Gorter zich tevergeefs verzet. Later is Gorter in het verzet gegaan en uiteindelijk door de Duitsers gefusilleerd. Naar hem is de A.E. Gorterweg genoemd. Allen krijgen volgend jaar een struikelsteentje, zodat de geschiedenis in het dorp echt tot leven komt. Om Markus wordt samen met de leerkrachten Barry Bronsema en Bé Bekkering lesmateriaal gemaakt. Zo krijgen de oorlogsslachtoffers voor de leerlingen een gezicht. Het had hun buurjongetje kunnen zijn.” “We willen zoveel mogelijk vast leggen,” vervolgt Van der Meer. “De generatie die de oorlog bewust heeft meegemaakt wordt steeds kleiner. Juist de verhalen van deze mensen zijn zo waardevol. Zo was er toen Markus van school werd gehaald een meisje bij. Niemand weet wie zij is. Op deze vraag zouden we graag een antwoord willen krijgen. Door de informatie die we nu al hebben, blijft het niet bij een monument alleen. We gaan ook een boekje maken. Ook voor nabestaanden blijkt dat er veel onbekend is. Zo had Markus Oudgenoeg een oom, Jakob Oudgenoeg. Hij is ondergedoken geweest in Meedhuizen en heeft de oorlog overleefd. Na de oorlog sprak hij nauwelijks over het verleden. De kinderen van Jakob hebben hum neefje dan ook nooit gekend, maar vinden het mooi dat er nu een monumentje voor de familie komt.” De werkgroep is nog steeds op zoek naar mensen die iets kunnen vertellen over meneer Gorter en de families Oudgenoeg, Cohen en Cohen-Van den Berg. Zij kunnen via onder meer emailadres struikelstenen@gmail.com contact opnemen met de werkgroep.