Brandweer zoekt versterking

Delfzijl - De vrijwillige brandweer Delfzijl heeft behoefte aan versterking. Behalve een afwisselende baan, biedt zij de vrijwilligers ook waardevolle opleidingen en nieuwe vaardigheden.

“Het brandweerkorps in Delfzijl bestaat uit drie ploegen van veertien mensen,” vertelt clustercommandant Siske Klaassens. “Bij een melding worden één of meerdere ploegen opgeroepen, waarbij het de bedoeling is dat van de veertien personen met minimaal zes wordt uitgerukt. De ervaring leert dat dit steeds lastiger wordt. Omdat het een vrijwillige brandweer is, hebben de brandweermannen en -vrouwen er een baan naast. Meestal is dat zeer goed te combineren, maar het maakt het korps kwetsbaar. De ploegen zijn niet op de optimale sterkte en het is daarom wenselijk dat er minimaal acht extra brandweermensen bijkomen.” Volgens Klaassens is het werken bij de brandweer meer dan alleen maar branden blussen. “We treden op bij verkeersongevallen. De brandweer helpt beknelde slachtoffers uit voertuigen, we helpen na gasexplosies in woningen en bestrijden incidenten met gevaarlijke stoffen. Daarnaast geeft de brandweer advies bij diverse vergunningen. Het is dus afwisselend werk, waarbij geen een dag hetzelfde is. De brandweermensen krijgen allemaal dezelfde opleiding van twee jaren. Dit houdt niet in dat men twee jaar moet wachten op mee te kunnen met een melding. Je gaat vanaf het eerste ogenblik mee om te kijken of het wat voor je is.” “Het belangrijkste in het werk is de veiligheid,” meent Klaassens. “Het is werk waar anderen terugdeinzen en waar de brandweer een stap vooruit doet. Daarvoor zijn de opleidingen en het oefenen ook zo belangrijk. Verder is er de fysieke test die elke brandweerman en -vrouw moet doen. In brandweerkleding moet je opdrachten uitvoeren die bij de brandweer horen. Voor mensen met een normale conditie is deze test geen probleem. Deze test is voor het goed kunnen functioneren essentieel. Je werkt met een team samen en je moet erop kunnen vertrouwen dat iedereen het werk aan kan. Iedereen moet weer veilig thuiskomen.” “Het korps bestaat uit vrijwilligers en is een afspiegeling van de maatschappij,” vult Sandra Hulzebos aan. “Je hebt hele technische mensen die weten hoe je een auto het beste kunt stabiliseren, maar er zijn er ook met een medische achtergrond die bijvoorbeeld dan weer naast het slachtoffer in de auto gaan zitten en hem weten gerust te stellen. Zelf werk ik in het Van Julsinghatehuis. Vanuit mijn beroep kijk ik dus naar hele andere dingen. Het zijn niet alleen mannen bij de brandweer. Toch zou het leuk zijn als er meer vrouwen zich aanmelden.” “We zijn wel afhankelijk van werkgevers,” benadrukt Klaassens. “Maar ze krijgen er een werknemer met meer vaardigheden voor terug. Vooral het teamwork en het hoofd koel houden is erg belangrijk. Dit wordt vaak getraind.” Zowel Klaassens als Hulzebos doen hun werk met veel plezier. “Je bent hulpverlener en dat voelt goed,” vertelt Klaassens. “Je merkt op verschillende manieren dat het gewaardeerd wordt. Laatst zat ik in een restaurant met mijn vrouw. Op een gegeven moment kwam de bediening en zei dat we op kosten van een meneer, die een paar tafeltjes verderop zat, een drankje mochten uitkiezen. Het bleek dat ik een paar maanden geleden met mijn ploeg de brand in zijn bedrijf heb staan blussen. Over de brandweer was hij zeer tevreden. Dat zijn leuke dingen.” Mark Giesolf