Gezondheidsboost voor Tsjernobylkinderen in Delfzijl

Delfzijl - Een bus met 25 Tsjernobylkinderen is zaterdag in Delfzijl aangekomen. Ze werden bij de Molenberg opgewacht door onder anderen burgemeester Gerard Beukema.

De stichting Hulp Tsjernobyl Kinderen Delfzijl haalt voor de achtste keer deze kinderen naar de havenstad om ze een gezondheidsboost te geven. “Ze zijn hier bijna acht weken,” vertelt voorzitter Cor Buffinga. “Dat is precies de periode waarin een mens nieuw bloed aanmaakt. We zien het heel erg als een gezondheidsproject om de kinderen echt aan te laten sterken. Ze krijgen gezonde lucht, goede voeding en veel ontspanning en plezier. Ze gaan echt opgeknapt terug en dat werkt ook langer door. Als je ze later terugziet, merk je echt het verschil met kinderen die niet geweest zijn.” De kinderen in de leeftijd van 8 en 9 jaar komen uit twee dorpjes Bolsjoi Orly en Liadets in het zuiden van Wit-Rusland, tegen de grens met Oekraïne waar in 1986 de ramp met de kerncentrale is geweest. De radioactieve wolk trok destijds richting Wit-Rusland, waar de gevolgen nog steeds merkbaar zijn, weet Buffinga. “Je ziet er veel gehandicapte kinderen geboren worden en schildklierkanker komt daar heel veel voor.” In Delfzijl worden de kinderen begeleid door een tolk en hun eigen twee juffen. Die geven ze ook in Delfzijl ’s ochtends les, de boeken zijn mee. In de middag is er tijd voor leuke uitstapjes. Er staan elke week vaste onderdelen als zwemmen, gym en muziekles op het programma. Het gezelschap is ondergebracht bij 28 gastgezinnen in Delfzijl en omgeving. Hulp Tjsjernobyl Kinderen Delfzijl laat zo om de twee jaar een groep kinderen overkomen. “Meestal om het jaar,” vertelt Buffinga. “Dat hangt ook een beetje af van de andere organisaties in Nederland en ook andere landen. Om de kosten te drukken, proberen we dingen als vervoer te combineren. Een aantal begeleiders van ons is nu meegeweest met de bus die de Tsjernobylkinderen uit Siddeburen heeft teruggebracht. Als de kinderen op 29 februari uit Delfzijl vertrekken, gaan er mensenn uit Lunteren mee die dan weer een groep mee terug nemen.”